Slaaplabo

In het slaaplabo kunnen patiënten terecht voor een slaaponderzoek. Je komt altijd eerst op raadpleging bij de arts, alvorens het slaaponderzoek kan plaatsvinden.
Een multidisciplinair team bestaande uit een pneumoloog, neuroloog, neus-keel-oor-arts en tandarts staan in voor de diagnosestelling en behandeling van mensen met slaap- en waakstoornissen.

Waar kunnen we je mee helpen?

Een goede slaap is essentieel om lichamelijk en geestelijk goed te functioneren. De gevolgen van slaaptekort worden nog te vaak onderschat: verhoogd risico op verkeers- en werkongevallen met vaak rampzalige gevolgen; verhoogde prevalentie van obesitas, diabetes mellitus en hypertensie (metabool syndroom). Het is dan ook terecht dat er de laatste decennia meer aandacht is voor slaap en slaapstoornissen vanuit de geneeskunde, maar ook in de media.

In Sint-Trudo Ziekenhuis is het slaaplabo een samenwerking tussen pneumologie (longziekten) en neurologie.

Ademhalingsgerelateerde slaapstoornissen

De pneumoloog (longarts) is gespecialiseerd in de 'ademhalingsgerelateerde slaapstoornissen'. Dit is een spectrum van aandoeningen gaande van simpel snurken tot slaapapneu. Slaapapneu komt gewoonlijk voor bij luide snurkers die tijdens de nacht geregeld stoppen met ademen als gevolg van het dichtklappen van de luchtweg: obstructief slaapapnoesyndroom (OSAS). Dit verstoort de slaap waardoor je je overdag moe en slaperig voelt. Bovendien kan er bij matig tot ernstige slaapapneu een verhoogd risico zijn op hart- en vaatziekten.

Tijdens een slaaponderzoek (polysomnografie) bestuderen we de slaapkwaliteit en de manier van ademen ’s nachts. Dit onderzoek is essentieel voor de diagnose en keuze van de behandeling bij ademhalingsgerelateerde slaapstoornissen.

De arts zal de behandeling samen met je bespreken. Bij ernstige vormen van slaapapneu is CPAP-therapie de voorkeursbehandeling. Een CPAP-toestel blaast lucht onder lichte druk via een maskertje dat op de neus wordt geplaatst. Zo gaat het apparaat tegen dat de luchtweg ter hoogte van de keel dichtklapt. Hierdoor worden de negatieve gevolgen van slaapapneu tenietgedaan.

Andere mogelijke behandelingen voor slaapapneu zijn:

  • Mondprothese of MRA (mandibulair repositie apparaat): als je een gezond gebit hebt, kan in sommige gevallen van matig slaapapneu een prothese voorzien worden die de onderkaak in een voorwaartse positie brengt. Zo wordt de keelholte verruimt tijdens de slaap. Deze behandeling wordt besproken op de multidisciplinaire raadpleging waar de longarts, NKO-arts en de tandarts (verbonden aan het ziekenhuis) samenzitten. Hiervoor werkt Sint-Trudo samen met tandarts Christophe Jacobs.

Mogelijke behandelingen bij snurken of milde vormen van slaapapneu:

  • Somnoplastie: dan gaan we onder plaatselijke verdoving het verhemelte verhitten met verlittekening tot gevolg. Op die manier verstijft het verhemelte en kan dit in sommige gevallen een oplossing bieden. 
  • Uvulopalatopharyngoplastie (UPPP): dit is een chirurgische ingreep, waarbij de keelamandelen en een deel van de huig weggenomen worden. De arts maakt een insnijding in het zachte verhemelte en voert een soort lifting uit.

Het centraal slaapapnoesyndroom komt minder vaak voor. De hersenen sturen met periodes geen prikkel naar de ademhalingsspieren door, waardoor de ademhaling tijdelijk stilvalt. Bij het vaststellen van deze aandoening, moeten we een onderliggend cardiaal of neurologisch probleem uitsluiten.

Slaapstoornissen van neurologische aard

Vaak voorkomend:

  • insomnia of slapeloosheid: moeilijk in- en/of doorslapen, vroeg ontwaken
  • parasomnia: dit komt voor in vormen zoals slaapwandelen, praten in de slaap, tandenknarsen,... 
  • circadiane ritmestoornissen: bvb. een jetlag of shift in werkuren kunnen slaapstoornissen tot gevolg hebben.

Hiervoor is een slaaponderzoek (polysomnografie) niet altijd aangewezen. Optimaliseren van de slaaphygiëne is hier een belangrijk onderdeel van de behandeling. Doorverwijzing naar een slaappsycholoog voor cognitieve gedragstherapie kan nodig zijn.

Minder frequent voorkomende slaapstoornissen van neurologische aard:

  • 'Periodic limb movements' syndroom (PLMS)
    Dit uit zich in onwillekeurige lidmaatbewegingen tijdens de nacht met onderbroken slaap als gevolg. Hierdoor ervaar je klachten van overdreven slaperigheid. PLMS kan samengaan met het 'restless legs' syndroom (RLS). Bij PLMS zonder typische ziektebeelden van RLS zijn neurologisch nazicht en een slaaponderzoek (polysomnografie) aangewezen.
  • Narcolepsie 
    Dit is een zeldzame neurologische aandoening die meestal op jongere leeftijd start. De aandoening wordt gekenmerkt door een algemene slaperigheid, met soms een onbedwingbare drang om in slaap te vallen. Bij narcolepsie kunnen ook gedurende enkele seconden of minuten spierverslappingen optreden, vooral na een heftige emotie, zoals lachen of een woedeaanval. Narcolepsiepatiënten hebben soms ook last van slaapverlammingen, dit zijn korte verlammingsperiodes die zich vooral bij het inslapen of ontwaken voordoen. Een slaapverlamming kan heel beangstigend zijn, vooral als ze gepaard gaat met het gevoel niet te kunnen ademen of met hallucinaties.

 

Artsen

dr. Koen Demuynck

dr. Koen Demuynck

longarts
dr. Joke Leemans

dr. Joke Leemans

longarts
dr. Annabel Schreurs

dr. Annabel Schreurs

neuroloog

Hoofdverpleegkundige

Fabienne Engelbos hoofdverpleegkundige

Fabienne Engelbos

Informatiebrochures